NOUVO wilco fashion.   Limbrichterstraat 17 Sittard.

We wilden altijd nog eens bij de familie Willems op bezoek om u te kunnen vertellen hoe hun zaak ontstaan was en om te weten te komen wie er van de partij geweest zijn in het verleden en nu nog zijn. Daarom stappen we binnen bij Renée Wieringa-Willems in haar modepaleis aan de Limbrichterstraat.

Ze is voorjaar 2013 bezig met een grote verbouwing, dus worden we even op de wachtlijst geplaatst. Ook wil ze dat wij haar peettante erbij betrekken, tante Fiet, mevrouw Martens – Willems. Dat blijkt ook duidelijk als we een paar maanden later in haar flat aan de Engelenkampstraat de twee dames interviewen. Het blijkt dat “tant Fiet” al een en ander op papier gezet heeft. Gelukkig maar want twee ras Sittardenaren aan het woord over Willems, Wilco, Wilco de Luxe en NOUVO wilco fashion is een voorbijkomen van familieverbanden en betrekkingen die bijna onontwarbaar zijn. Tenslotte vult tante Miet Janssen- Willems nog  e.e.a. aan om het compleet te maken. We gaan proberen er een verhaal van te maken.

Ik herinner me Wiel Willems, een statige heer met sjiek grijs haar. Wie was hij? En dan barst het verhaal los. Tant Fiet: ”Dat was mijn papa, Renée Wieringa-Willems haar opa. Wiel Willems was de oudste zoon van Matthias Willems en Marieke Willems-Dols, die beiden uit het modevak kwamen. Matthias was hoofdcoupeur bij Wolf en Herzdahl en Marieke ging in haar jonge jaren met haar naaimachientje onder de arm, naar de klanten in en rond Sittard. Meestal om de maand of op afroep. Dat niet iedereen zich dit kon permitteren spreekt vanzelf.
Wiel was bij Wolf & Herzdahl in dienst als chef van de kledingafdeling. Zijn wens was altijd een eigen zaak te runnen en zo geschiedde later ook. Hij trouwde met zijn Lewiske Willems, dat als jongste kind werd geboren in het grote gezin Willems, een zus is van de smid Sjeer Willems van de Steenweg. Voor de genealogen onder u, van de Ophovense tak Willemsen. Het gezin Willems-Willems woonde boven het oude Wolf&Herzdahl pand.
Vanaf 1932 woonde familie Willems met vijf kinderen in de Kastanjelaan als tweede bewoners van die straat.
Naast hun woonde architect Schelberg en er tegenover Sjeng Janssen de gemeente ontvanger.

Het wordt tijd dat we de hele familie aan u voorstellen want velen van hen participeerden in “de Wilco”.
Fiet, de oudste was getrouwd met Albert Martens, werkzaam destijds bij DSM. Dan kwam Miet, getrouwd met Wim Janssen uit Tegelen. Die had een firma in ordners, gebroeders Janssen geheten. Daarna kwam de inmiddels overleden zoon Jean, de vader van de huidige eigenaresse Renée Wieringa-Willems, die trouwde met Joep Lendfers van de bekende slagerij in de Putstraat. Vervolgens kwam Piet die getrouwd is met Pop Niesten van de stomerij in de Putstraat. En tenslotte was er nog de, ook inmiddels overleden zoon Zef, de jongste, die getrouwd was met Josje Vandenbergh uit Bolsward.

In 1944 startte Wiel Willems de zaak op de Markt, gelegen tussen de stadsboerderij van Beaujean en het toenmalige stadhuis. Wat ik denk over de afbraak van die twee panden hou ik voor mezelf. BS.
Dat was het einde van oorlog want 18 september werd Sittard bevrijd. Het pand dat eerst het distributiekantoor herbergde was van Durlinger. Baer Durlinger was getrouwd met Mia Willems. “Mie van de sjmeed” een volle nicht van Wiel dus was de deal snel gemaakt.
Het pand; twee grote etalages waar je geen spul voor had want er was niets in die tijd. Eerst een lange gang en dan kwam de winkelruimte met een toonbank en twee paskamers. Achter de winkel lag een groot atelier. Er werkten vier kleermakers, één coupeur en vier naaisters die op de naaimachines de kleermakers ondersteunden. Nieuwe stoffen waren erg schaars, maar het maatwerk dat geleverd werd, was bekend in de wijde omgeving. Vooral gelegenheidskleding was zeer apart. Een primeur die zeer in trek was, was de regenkleding die door de Hollandia fabriek gemaakt werd van twee door de klant ingeleverde lakens. Verder werd veel kleding “gekeerd”. Herenkostuums bv. De binnenzijde van de stof werd buitenkant. Eventuele gaatjes werden gestopt met stof van de borstzak. Dat gebeurde aan de overzijde bij Hoogstraten die een naaimachinehandel hadden. Zo kregen de kostuums een tweede leven. Ook werden mantelpakjes gemaakt van de herenkostuums. Oude kleding van de ouders veranderde in kinderkleding.  Beroemd waren de korte jongensbroeken. De z.g. “sansculotten”. Het atelier had werk genoeg. De productie en daarmee de in- en verkoop van confectie kwam op gang. Daarbij hoorde het nieuwe winkelpersoneel. Wiel kreeg de alleenverkoop van het bekende merk Bleyle. Dat bleek een uitstekende zet.
De Wilco was dus een echt familiebedrijf en iedereen werd ingeschakeld om zijn/haar aandeel in het geheel waar te maken. De verkoop liep zeer goed. Om de klanten een gespreide betalingsmogelijkheid te bieden werd “Wiltex” opgericht als onderdeel van de Wilco kleding. Hier werd veelvuldig gebruik van gemaakt. Een schot in de roos.

Familieparticipatie:
Naast dochter Fiet werkte ook dochter Miet in de zaak. Zoon Jean ging in Tilburg naar de Hogere Textiel School en zou uiteindelijk de algemeen directeur worden van “De Wilco”, als opvolger van zijn vader Wiel. Zoon Piet ging economie studeren en deed een deel van het kantoorwerk. De jongste zoon Zef ging in Delft studeren. Hij kwam nooit in de zaak maar moest wel in de weekenden op de fiets de bestellingen naar de klanten brengen, naar de Selfkant en in Zuid-Limburg.

Op gevaar af in herhaling te vallen laten we mevrouw Martens aan het woord. Je moet haar horen om te begrijpen hoe alles destijds in zijn werk ging. “Zo zijn we begonnen. In de lange etalages waar eerst niets was, stond de Hollandia regenkleding want die fabrieken draaiden ook allemaal nog. Nederland heeft echt niet helemaal platgelegen in de oorlog. De klanten leverden bij ons twee lakens in en daarvan werd een regenjas gemaakt bij de Hollandia fabrieken. De klanten moesten zeggen: “Dat wil ik als buitenkant en dat als binnenkant.” Dan namen wij de maat op. Vervolgens heette het middel, large of extra large enz. Dit stuurde wij op naar Amsterdam waar de Hollandiafabriek lag. Wij hadden als enige in Zuid-Limburg hier de primeur van.

Mevrouw Martens- Willems verteld, later aangevuld door haar zus Miet Janssen-Willems, beide dames nu inmiddels in hun 80er levensjaren.

Die winkel, die eigen zaak van Wiel Willems, is er niet van gisteren op vandaag gekomen daar heeft vader Wiel jaren over gedaan. Wij waren een gezin met 5 kinderen tussen de 10 en 18 jaar. De beiden oudsten, de meisjes, hadden net de middelbare school afgemaakt. Doordat een pand op de Markt vrij kwam raakte die wens een eigen zaak te beginnen in een stroomversnelling. En zo geschiedde het. Fiet werd hoofd boekhoudster en Miet werd naar huis gestuurd om vast te beginnen met koken want er waren 7 monden te vullen. Miet maakte hier gebruik van om rijles te nemen.
Sittard is een kleine stad, iedereen had het over die nieuwe zaak. De reclame ging van mond tot mond. Niet te geloven waar die klandizie overal vandaan kwam. De stoffen en materialen begonnen vrij te komen, nieuwe stoffen en regenjassen van de Falcon. De staatsmijnen gaven SMV punten uit. Daar kon men stoffen op kopen. Velen kwamen voor de nieuwe stoffen en het maatwerk. We hadden 4 kleermakers in dienst. Ik kan ze nog bij naam noemen. Ze kregen het werk niet af want we leverden maatwerk. Want, weet je, als je van een herenkostuum een mantelpakje kunt maken is dat maatwerk, dat is niet zo maar iets. Van een oude herenpantalon werd een damesrok gemaakt. Die verkochten we niet, dat was alleen bestemd voor diegenen die het oude stof inleverden.

Toen de nieuwe stoffen hun intrede deden kregen de mensen ook zin om iets nieuws te kopen. Het “verander” werk werd langzaam minder het maatwerk nam toe. Tegelijkertijd kwam de confectie vrij.
Net als Renée Wieringa-Willems nu nog steeds doet, ging Wielke overal heen. Hoe hij het gedaan heeft, kan men niet meer zeggen maar men weet wel dat hij heel vaak met de fiets ging naar plaatsen waar hij iets aparts kon kopen. Of hij kwam met moeder met de trein terug uit Amsterdam bepakt en bezakt als ze voorraad hadden kunnen inkopen. Er was nog geen sprake van met de auto gaan. Dat ging pas toen Miet haar rijbewijs had gehaald. In die confectie tijd hadden we de alleenverkoop van dit en de alleenverkoop van dat. Hij kocht weinig dezelfde dingen. Drie stuks van iets, vier kostuums, zes regenjassen”. En ook dat is tot op de dag vandaag nog steeds de strategie zijn kleindochter Renée.  “Mijn moeder had in de Kastanjelaan, waar wij woonden, een depot van Bleyle, aldus Fiet. Dan kwam de nieuwe collectie binnen. Niks geen folders in die tijd. Wij, als de kinderen van, droegen die kleding en wij maakten daardoor reclame. Ik zie nog die klanten bij ons aan huis komen. De namen van de dames Scheen, Ensinck,Thewissen, Tacken, Musolf, Herzdahl worden moeiteloos opgesomd.De Bleyle collectie werd een hot item.
Wat niemand weet is dat de firma Wilco de luxe ook echt het allerlaatste Bleyle truitje heeft ingekocht  toen deze firma dreigde failliet te gaan. Jean was van mening dat men iets waarmee men groot geworden was en veel centjes mee had  verdiend niet zo maar in de steek moest laten. “Veer hawte Bleyle rech”, zei hij tijdens de inkoop tegen Renée. Zo trouw was hij aan zijn leveranciers hetgeen zijn dochter heeft geërfd!

Intussen brak in 1953 ook het tijdperk van Voorstad 21 aan.
Nicht Trinke Bronnenberg had in dit pand een ijzerwinkel. Ze ging eruit, had lang genoeg ijzerwaren verkocht en had geen opvolging. Grote uitverkoop dus. Dat onze moeder Lewis, als vijf  jarige wees, door haar tante Bronneberg liefdevol is opgenomen in het gezin en als een eigen kind is grootgebracht weten maar weinigen. Vanuit dit gezin Bronnenberg is zij op 27 jarige leeftijd getrouwd met onze vader Wiel Willems. Echtpaar Willems- Willems kocht het pand. Zo duurde het nog bijna tien jaar eer de grote verbouwing plaats vond. Trinke ging bij de familie Willems in de Kastanjelaan wonen en later in de Limbrichterstraat boven de zaak. In 1953 begon vader Wiel dus een tweede zaak, na de Markt, nu in de Voorstad onder de naam Wilco, Willems en co, het moest een korte krachtige naam zijn. De totaal ongeschikte grote ijzerzaak kreeg de ene kleine facelift na de andere, ieder half jaar werd er wel iets aan verbouwd met wanden en schotten, dit om het enorme pand voor confectie te kunnen gebruiken.  In 1963, het geboortejaar van Renée, werd dat pand rigoureus verbouwd en werd het een totaal modehuis waar dames-, heren-, kinder-, bruids-, communie-, en avondkleding werd verkocht. Onder enorme belangstelling van het stadsbestuur, geestelijkheid, fabrikanten, leveranciers en klanten werd de nieuwe zaak door de trotse familie Willems geopend. Jean en Miet werkten hier heel hard en de zaak floreerde. Jean organiseerde shows door heel Limburg hetgeen zijn dochter Renée nu nog steeds met veel plezier doet!

Inmiddels was V&D op zoek naar een locatie in Sittard en het oog viel op de huidige plek op de Markt. Het heeft tien jaar geduurd eer zij begonnen te bouwen maar in 1965 is onze zaak, het stadhuis en de stadsboerderij afgebroken en hadden ze plek genoeg om zich te vestigen. Pappa, Wiel, was al lang op de hoogte van hun plannen en het pand aan de Markt werd ook te klein Daarom begon hij in 1956 nog  in de Limbrichterstraat 17 een modezaak. In het oude pand Kleine- Vossen en later van de Witte Ballon. Ook hier moest alles rigoureus verbouwd worden. Dit werd Wilco de Luxe. Zo had Wiel Willems drie zaken.

Waar de Wieringa’s nu hun garage hebben, was het atelier. Daar is toen ook coupeuse Lenie Janssen begonnen, 15 jaar oud. Zij is meer dan 50 jaar bij ons geweest. Daarvoor is ze nog geridderd.” Hoezo lange dienstverbanden bij de familie Willems!

Ook in Geleen kwam een Wilco waar de familie Janssen-Willems ging wonen. Sittard en Geleen waren in die tijd in een strijd gewikkeld welk centrum zich het best zou kunnen presenteren. Beide centra presenteerden zich goed in het begin van de zestiger jaren. Daarom werden er in de Salmstraat in Geleen twee aaneensluitende panden gehuurd met een huurcontract voor tien jaar. Omdat de strijd tussen de winkelcentra in het voordeel van Sittard beslist werd ging een verlenging van het huurcontract  niet door en werd de winkel in Geleen gesloten. Ook omdat Miet nodig was in de prachtig vernieuwde zaak aan de Voorstad.

Over de 25 opeenvolgende jaren, een kwart eeuw valt veel te vertellen. Er werd hard en ééndrachtig met tweede generatie samengewerkt. Ook de verstandhouding met het personeel werd als meer dan goed ervaren. Lange dienstverbanden waren heel gewoon. Vaak kwamen de meisjes, soms zusjes, vanuit school of tijdens hun opleiding meteen bij de Wilco werken en bleven tot hun trouwen in dienst. Misschien leuk om te vermelden dat wij als een van de weinigen naast een eigen atelier, dat er nog steeds is, ook een eigen etaleur hadden. Bepaald geen weelde met die enorm etalages, met name op de Voorstad.

Het grootste verdriet in die jaren was wel de ziekte en het overlijden van vader Wiel, hij overleed op 68 jarige leeftijd nadat hij nog een tijdje had kunnen gadeslaan hoe de zaken groeiden en bloeiden. Ook toen hij zelf zijn teams niet meer kon stimuleren. Met verve nam moeder Lewis de leiding over, gesteund door haar kinderen. Tot haar dood op 87 jarige leeftijd werden haar de omzetten medegedeeld en werd zij op de hoogte gehouden over de overige ontwikkelingen. Intussen kwam natuurlijk ook de opvolging aan de orde.

Het wordt tijd dat we Renee Wieringa aan het woord laten.

“Ik ging na het Serviam naar de Textiel school in Enschede waar ik mijn man Dick heb leren kennen.
Daarna werkte ik voor verschillende internationale bedrijven. Bij Lucia  Strickwaren in Lünenburg, bij Joseph Janard tijdens de Münchner Modewoche, en bij Modehaus Peter von Drathen in Düsseldorf. Tenslotte werkte ik met veel plezier bij Claudia Sträter in Maastricht. Toen wilde Claudia Sträter een aantal filialen in Duitsland opzetten. Omdat ik al een aantal jaren voor hen werkte en bij diverse modehuizen in Duitsland werkzaam was geweest, vroegen ze mij om die filialen mee op te zetten. Wij thuis hadden bij de Wilco echter op dat moment personeelsgebrek. Mijn vader, Jean, zei: “Je kunt nu kiezen, of hier in de zaak komen of naar Duitsland en daar een carrière maken.”

Je moet weten ons gezin Willems-Lendfers telt drie kinderen. Wien, de oudste nu 55 jaar, sportleraar en fysiotherapeut, hij woont met zijn gezin in Geleen. Lon, 53  werkt voor de Rabobank Nederland en woont met zijn gezin in Udenhout.
Mijn beide broers hadden geen interesse in de zaak.

Ik dacht altijd: ”Ik ga nooit terug naar Sittard want daar ben je altijd de dochter van “De Wilco”, en iedereen kent je.”.
Mijn vader wilde wel eerst voor mij de rest van de familie uitkopen uit de Wilco, zodat ik niet voor de familie hoefde te werken. Dat klonk verleidelijk. Toen verkocht hij de het pand aan de Voorstad omdat daar geen opvolging voor was. Jammer want het was het paradepaardje geweest, een prachtig groot pand met 3 etages. Maar wij, Dick en ik, maakten bewust de keuze voor Wilco de luxe Limbrichterstraat. Dit hield Pa aan en zou hij grootschalig verbouwen voor ons.

Wij werden kijkers door heel Nederland. Gewapend met een videocamera met Pa en Koen Leinders, de architect, en met Dick, hebben we heel wat afgesjouwd om ideeën op te doen bij collegae modehuizen om de zaak zo te kunnen verbouwen zoals ik ze wilde hebben. Koen Leinders heeft nu ook de verbouwing mee begeleid van Wilco de luxe naar NOUVO wilco fashion en op de achtergrond heeft hij een oogje in het zeil gehouden. Evenals ontwerp buro Claudia van Tiggelen, Claar, die ook bij de verbouwing 20 jaar geleden betrokken was. Zij heeft nu de ideeën en tekeningen gemaakt voor NOUVO wilco fashion waarvoor wij heel dankbaar zijn!

Op 1 april 1990 ben ik als derde generatie Willems in de zaak gekomen. Ik mocht er pas in als ik langere tijd ergens anders gewerkt had en ervaring had opgedaan in de branche .Ik moest net zoveel rekenschap afleggen als alle andere medewerksters,  was bepaald niet “de dochter van de baas” en werd zeker niet voorgetrokken. We hadden een aantal oudere verkoopsters en daar kwam dat jonge ding. Voor mij was het kijken waar mijn plaats was. Onder de leiding van mijn vader kon ik mij ontplooien.

Ik ging al altijd graag mee op inkoop naar de internationale modebeurzen. Als kleine meid mocht ik we eens mee met oma en tante Miet naar Amsterdam toen zij nog de inkoop deden. Uiteraard deden later Pa en Ma de inkoop. Ma was in die tijd ook fulltime in de zaak Wilco de Luxe damesmode. Uiteindelijk mocht ik met pa op inkoop. Hij gaf me altijd een bepaald inkoopbudget en als ik niet zeker van een artikel was zei hij: ”Probeer het maar uit, je moet risico durven lopen”. Hij heeft me altijd helemaal vrij gelaten in mijn keuzes en alle vertrouwen gegeven wat ik nu nog enorm waardeer. Pa was vooruitstrevend en zeer bij de tijd! Hij hield er van jonge mensen een kans te geven hetgeen ik van hem heb overgenomen. Jonge mensen geven je nieuwe sprankelende ideeën, daar houd ik ook van. Ook mocht ik in die tijd andere jongere collecties aanschaffen. Ik kwam binnen, was midden twintig en ik had heel weinig feeling met het klassieke genre. Langzaam aan werd de zaak naar mijn hand gezet.
Intussen kwam ook mijn man Dick, in de zaak voor alle werkzaamheden op kantoor en dergelijke.
Onze kinderen Reinier [1989] en Pascal [1992] werden geboren en deels op het kantoor grootgebracht mede door opa Jean en oma Joep.
Uiteindelijk namen wij, Dick en ik, op 1-1-1999 de zaak over.
De collectie is in de meer 20 jaar wel duidelijk veranderd, net als onze klanten. Wij hebben een enthousiaste klantengroep van 35 plus, een vrouw die van stijlvolle trendy mode houdt met een sterke prijs- kwaliteit verhouding. En zeker geen massaproduct of merken die overal liggen, want ik ben niet aangesloten bij een inkoopcombinatie maar doe nog alle inkoop zelf!
Onze merken komen nu uit Nederland, Oostenrijk, Zwitserland, Italië, Frankrijk, België, Duitsland en Denemarken. Meerdere collecties komen ook uit USA en Canada. Hier zijn ze met name gespecialiseerd in gelegenheidskleding, ons paradepaardje! Het is nog altijd een sport om op inkoop te gaan en onbekende merken in kleine oplages naar Sittard te halen, net als mijn opa en vader ook deden. Je ziet het zit mij toch in het bloed, ” eine echte Wullems” zeggen ze dan altijd. Ik zie dit als een enorm compliment.

Inmiddels is mijn vader, mijn grote voorbeeld, bijna acht jaar geleden overleden. De laatste jaren was hij nog wel betrokken bij de Wilco , en hij had er alle vertrouwen in dat het goed zou blijven gaan met “zijn“ zaak. Hetgeen ik te allen tijde probeer waar te maken. Want hij kijkt vast nog af en toe over mijn schouder mee. Als ik nu op inkoop ben, hoor ik vaker bij fabrikanten hoe bijzonder men onze band vond, maar dat was hij dan ook. En dat ik, aldus fabrikanten, net zo’n “vak fanaat” ben als mijn vader. Een mooiere opmerking kan men mij niet maken, want ik ben enorm trots op hem.

Bijna vier jaar geleden hebben wij als gezin een behoorlijk trauma opgelopen door zinloos geweld. Deze tijd hebben we bewust willen afsluiten. We hebben een herstart als gezin en zaak gemaakt om alles achter ons te laten wat er gebeurd is.
Met respect voor het verleden kijkend naar de toekomst gaan we verder.
De naam Wilco de Luxe hebben we in 2013 veranderd in een eigentijdse naam aangepast aan de nieuwe doelgroep. NOUVO wilco fashion, oftewel “nieuw met nivo”!
Service, eerlijk advies naast een eigen unieke collectie, gecombineerd met een moderne presentatie en een gezellige entourage dat is NOUVO wilco fashion, Fashion changes, style remains.
En wat dacht je bijvoorbeeld van onze NOUVO fishspa in de zaak, een absolute “nouvo-teit”. Kleine gara ruffa visjes knabbelen aan jouw voeten terwijl jij heerlijk relaxt. Wij vinden het altijd een uitdaging te vernieuwen en origineel te zijn!
Modeshows en andere fashion-events zijn voor ons een must want zo dragen wij het nieuwe beeld naar buiten. Ook dat iets waar mijn opa en mijn vader mij in voorgingen.
Met name ook de  “gunfactor” is erg belangrijk voor ons. Nu heeft het alleen maar voordelen dat iedereen je kent, hetgeen ik vroeger als kind en vooral als puber natuurlijk niet zo zag ha ha.
En mond tot mond reclame is in deze tijd nog steeds heel belangrijk, net als intensief bezig zijn met social media en vooral ook het samenwerken met collega’s in onze mooie stad Sittard!

Het motto in onze zaak met onze super medewerksters is: “Alles zelf doen is optellen, samenwerken is vermenigvuldigen.” Aangevuld met mijn moeders gezegde: “Es de dokter de verpleegster neit haet is de dokter ouch nurges.”

“En weer wordt er een kroon op het “Wilco” werk gezet.”

Dit verhaal schreef Baer Smit in 2014

In  mei 2019 liet Renée Wieringa-Willems weten dat Wilco Fashion, in februari 2013 omgedoopt in Nouvo Fashion, na 75 jaar zal ophouden te bestaan. Reneé was als derde generatie Willems al bijna 30 jaar actief in de zaak. Gezondheidsredenen en het ontbreken van opvolging hebben tot de beslissing geleid om de deuren na afloop van het jubileumjaar te sluiten.

Tante Fiet Martens-Willems overleed op 10 mei 2021