Een zwembad in het Villapark

Het stadspark werd in fasen aangelegd tussen de jaren 1920 en 1927. Onder leiding en naar ontwerp van tuinarchitect Dirk Tersteegh werd het park in z.g. ,,landschapsstijl ” gerealiseerd. De aanleg gebeurde in het kader van de werkverschaffing. Er heerste in die tijd grote werkeloosheid.

Eerst kwam het zuidelijk gedeelte met de roeivijver tot stand. In 1924 – 1925 kwam het noordelijk deel rond de eendenvijver bij de Agricolastraat gereed. De structuur van dit gedeelte moet gezien worden vanuit de ook in dezelfde tijd aangelegde bebouwing met het Julianaplein als kern. De ingang van het park ligt in het verlengde van de straat naar dit plein. Vanuit de stad was er een zichtlijn via het Julianaplein naar de fontijn in het park. Latere bebouwing heeft de zichtlijn beperkt van het Julianaplein tot het park.

In 1932 paste Tersteegh zijn ontwerp van het park aan, omdat er in het midden op een braakliggend gedeelte een zwembad zou worden aangelegd.

Er was al enkele keren aangedrongen op de aanleg van een zwembad. Maar de aanleg ervan lukte nog niet zo gemakkelijk. In een tijd dat er alom een economische crisis heerste, ontstond er een mogelijkheid. Zoals in meer gemeenten toen is gebeurd (bekend is de aanleg van het Amsterdamse Bos),werd in het kader van de werkverschaffing aan werklozen op 22 augustus 1932 het besluit genomen om een zwembad te stichten. Dit zwembad werd ontworpen door architect G.H.H. Cuijpers in een stijl die rond de jaren dertig erg populair was nl. ,,de Stijl”.

Architect Cuijpers is geboren op 24 mei 1902 in Blerick. Zijn eerste baan was tekenaar/architect bij ir.Jules Kayser in Venlo (ook bekend als architect van de Basiliek in Sittard). In 1928, hij was hij al in Venlo getrouwd, is hij in Sittard gaan wonen in de Odastraat en in dienst getreden bij het architectenbureau Ramakers. Door onvoldoende bouwopdrachten daar, als gevolg van de economische crisis, is hij sinds 1 januari 1930 in dienst getreden als tekenaar/opzichter bij de Gemeente Werken van Sittard, waar wel voldoende opdrachten gecreëerd werden, omdat de overheid toen ter bestrijding van de groeiende werkeloosheid werk verschafte aan de vele werklozen.

Onder leiding van de directeur van Gemeentewerken, de heer B.Moolhuysen kreeg Cuijpers de opdracht voor het ontwerp en constructie van een zwembad aan de Vijverweg. De naam “Zwembad” is gemaakt in zijn typisch handschrift.

In de notulen van het bestuur van het zwembad is te lezen dat op verzoek van het Olympisch Commitee het ontwerp en foto’s zijn opgestuurd naar Berlijn, waar in 1936 de Olympische Spelen gehouden zouden worden en waar tegelijkertijd een “Kunstwettbewerb en Kunstausstellung” gehouden werd, een aangelegenheid, die zaken die met sport te maken hadden, toonde en beoordeelde. In de notulen van het

bestuur van het zwembad is niets meer te vinden over het oordeel in de “Wettbewerb” over het zwembad na de Spelen. Ook in Sittard heeft Cuijpers meerdere gebouwen kunnen ontwerpen. Voor de oorlog is de burgemeesterswoning aan de Agricolastraat door hem verbouwd en aangepast voor bewoning voor de toenmalige burgemeester Coenders (Baenjehoes).

In het najaar begon men met het uitgraven van de zwembaden en kon er gebouwd worden. Dat verliep voortvarend en op 17 juni 1933 opende gouverneur Van Hövel tot Westerflier het nieuwe bad. Het water werd betrokken uit de roeivijver dat gevoed werd door bronnen. Het werd beschouwd als een der mooist aangelegde baden van Nederland. Er waren dan ook al gauw belangrijke zwemwedstrijden, bijv. in juli 1934 de internationale zwemwedstrijd Nederland-Frankrijk. Toen het zwembad er was, volgde natuurlijk al vrij snel de oprichting van een zwem- en waterpoloclub. Op 11 augustus 1936 werd hiertoe “Hellas” opgericht met P. Vilters als trainer en badmeester.

Toen rond 1970 het nieuwe zwembad „ De Hateboer“ aan de Zjwienswei werd geopend, kwam er een stevige concurrent bij voor dit toen verouderde bad, al bleef het nog enkele jaren in gebruik tot in 1985. Na de sluiting werd er een restaurant met forellenvijver in gevestigd. Einde jaren tachtig kwam het gebouw leeg te staan en begon het verval. In 1993 werd het grotendeels gesloopt om bij het park te worden getrokken. Het nieuwe plan hield in een gedeelte van het gebouw te bewaren. De symmetrische gevel aan de voorzijde, de toren als verticaal element in de compositie en de hoge ruimte aan de noordzijde zijn karakteristieken van de oorspronkelijke vorm. In de voorgevel zijn enkele openingen gemaakt zodat een aantal zichtlijnen ontstonden naar de stenen sluis, de roeivijver en de Ophovener molen. De grote groene open ruimte achter de entree is bedoeld als evenementen-terrein met een aarden wal die het terrein omsluit.

Met dank aan Gerard Cuijpers, zoon van architect Cuijpers
Thur Laudy maakte ter gelegenheid van dit nieuwe zwembad het volgende gedicht:

’t ZITTESCH SCHWÖMBAT

Zuikt noe éns ei schoonder plaetschke tuint geer ug neit gansch voldaen,
es veer bènne ènge waeke,
nao oos schwömbad kènne goan, water oet oos eige brunkes,

dènk èns waat dat zèkke wilt,
veur daegein dae krakend praoper, en van hygiène hiltj.

Daag en nach. löp schtroumend water, altied is dit aeve rein,
Zitterd mit òmgaeving vènje,
dao, waat nemes hun koos bei ́n,

‘g zeen de kènjer noe al pletsche, ‘g heur ze schreeve van plezeijer, es ze peutje baa, of loupe,
en ze törf ́le dan èns neijer.

‘g Zeen ze in ’t water spart ́le koutelebout van zellef schlaon, om nao al die natigheid, éns lekker in de zòn te schtaon,
zeet oos bad mit zien omgaeving aan ’t park mit boum en bloum

’t is Precies wie in ei schpreukske, neit gezeen, geer gluift ’t koum.

Woo de maeldesch, in de schtruukskes, en, de aeschtes in d ́n tup,
woo me roeit en woo me oetrös.
lik de Steine Schloes gebuk,

dao woo nachtigale zenge,

woo ’t meuleraad nog dreed,
en oos Keutelbaekske krunkelt en de boer zien terf nog meed, woo me de natoer bewònjert
in zien praal en alle prach,
lik oos schwömbad aafgezònjerd schoonder es me hauw gedach.